Drogisterijketen Kruidvat, onderdeel van de AS Watson Group die ook de winkels van Trekpleister bezit, gaat verzekeringen verkopen.
In de zevenhonderd drogisterijen zijn vanaf dinsdag reis-, auto-, dieren- en inboedelverzekeringen te verkrijgen, aldus een woordvoerder maandag. Kruidvat biedt de polissen aan samen met Proteq, een dochter van SNS Reaal.
Sinds een half jaar kunnen bij de drogist al persoonlijke leningen worden afgesloten. Daarvoor werkt de drogisterijketen samen met Royal Bank of Scotland. ,,Dat slaat aan. We hebben inmiddels een marktaandeel van 1,5 à 2 procent. We gaan nu ook doorlopend kredieten verstrekken.''
Kruidvat ziet een verwantschap tussen de verzekeringen en zijn drogisterijartikelen. ,,De verzekeringen zijn gerelateerd aan producten die we al verkopen zoals zonnebrand, want die wordt vooral op zonvakanties gebruikt, honden- en kattenvoer, autopoetsmiddelen en allerlei schoonmaakspullen voor in huis.''
Bovendien profiteert Kruidvat volgens hem van het verminderd aantal filialen bij banken. ,,We zijn in vergelijking met banken toegankelijker en servicegerichter. Onze winkels zijn eerder en langer open.''
Hoewel zeven op de tien Belgen vinden dat hun autoverzekering te duur is, neemt 60 procent van de chauffeurs niet de moeite om prijzen te vergelijken. De verzekeraar Corona Direct speelt daarop in met een website waar eenvoudig polissen vergeleken kunnen worden. Corona Direct lanceert ook een autoverzekering per kilometer.
Corona Direct, een dochter van de financiële groep Dexia, liet door het onderzoeksbureau Ipsos een enquête uitvoeren over autoverzekeringen. Daaruit blijkt dat veruit de meeste Belgen van oordeel zijn dat hun autoverzekering te duur is.
Dat wil niet zeggen dat ze actief prijzen vergelijken. Vaak wordt afgegaan op het oordeel van de makelaar, soms luidt het dat het al te moeilijk is om de verschillende formules op te snorren en met elkaar te vergelijken.
Corona Direct reageert met de lancering van een website die eenvoudig te gebruiken is. De consument kan er de goedkoopste polis vinden door te vergelijken.
Corona Direct brengt ook een polis op de markt die naar eigen zeggen in de meeste gevallen 35 procent goedkoper is dan de klassieke formules, in sommige gevallen zelfs nog meer.
Kilometerverzekering
Bij de zogenaamde kilometerverzekering, een primeur voor de Belgische markt, staat de te betalen premie rechtstreeks in verband met het aantal afgelegde kilometers.
De premie bestaat uit een vast en een variabel gedeelte. Het vaste gedeelte omvat de kosten voor de opmaak en het beheer van de polis, plus de risico's die niet afhankelijk zijn van het aantal gereden kilometers zoals diefstal en brand. Het variabele gedeelte dekt de risico's die wél te maken hebben met de afgelegde kilometers.
Wie zich een dergelijke polis aanschaft, geeft zelf de afgelegde kilometers door. Corona Direct gaat uit van de goede trouw van de verzekeringsnemer. Net zoals bij gas- en elektriciteitsmeters zullen wel routinecontroles plaatsvinden.
Bij de eerste premiebetaling wordt een inschatting van de kilometers gemaakt. De afrekening gebeurt aan het einde van het jaar. Op basis van de kilometerstand die de klant doorgeeft bij de vervaldag maakt Corona Direct een afrekening. Dan blijkt of de klant moet bijbetalen dan wel terugtrekt. De voorlopige premie van het volgende jaar wordt dan berekend op basis van het aantal kilometers van het vorige jaar.
De winter is een gevaarlijk seizoen om onderweg te zijn. Het regent, het sneeuwt, de weg ligt onder de bladeren en het is vroeg donker op de koop toe. In de winter gebeuren dan ook meer ongevallen dan in welk ander seizoen ook. Wie goed verzekerd is, hoeft zich doorgaans minder zorgen te maken. Wie niet verzekerd is, pleegt niet alleen een strafbaar feit, maar brengt ook zichzelf en vooral anderen in gevaar. Enkele vuistregels voor een goede verzekering.
1. Is een autoverzekering verplicht?
Volgens de wet van 21 november 1989 is één verzekering verplicht voor alle motorrijtuigen die zich op de openbare weg begeven, namelijk de verzekering burgerrechtelijke of burgerlijke aansprakelijkheid (ba). Wie die verzekering niet onderschrijft, gaat in de fout en pleegt een strafbaar feit. De 'groene kaart' die het bewijs is van de lopende autopolis, is een van de verplichte boorddocumenten. Uit een recente schatting blijkt dat bijna 20 procent van de bestuurders zonder verzekering rondrijdt. Onthutsend veel.
2. Wat houdt de verzekering ba in?
Via de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid zorgt de wetgever ervoor dat de slachtoffers van een verkeersongeval niet in de kou blijven staan. Die verzekering dekt alle lichamelijke en materiële schade die aan derden wordt toegebracht. Het begrip 'slachtoffer' wordt ruim geïnterpreteerd: zowel de tegenpartij in het ongeval als de inzittenden van het eigen voertuig vallen eronder.
De verzekering burgerlijke aansprakelijkheid dekt echter niet de lichamelijke noch de materiële schade van de eigenaar van het voertuig. Het is evident dat die burgerlijke aansprakelijkheid in werking treedt van de persoon die als schuldige voor het ongeval wordt bevestigd.
De verzekering dekt bijvoorbeeld ook het ongeval dat veroorzaakt wordt door de inzittende of passagier die het portier opengooit.
3. Wat is objectieve aansprakelijkheid?
In normale omstandigheden treedt de verzekering pas in werking als er sprake is van een fout met schade. Sinds 1 januari 1995 bestaat er ook zoiets als de 'objectieve aansprakelijkheid'. Wanneer je betrokken raakt in een ongeval met een zwakke weggebruiker - fietser of voetganger - dan zal de autoverzekering altijd de lichamelijke schade van de zwakke weggebruiker vergoeden, ongeacht wie aansprakelijk wordt gesteld voor het ongeval.
4. Als eigenaar val ik uit de boot. Wat kan ik doen?
De burgerlijke aansprakelijkheid dekt de eigenaar-bestuurder niet automatisch. Alle schade, zowel lichamelijk als materieel, blijft onvergoed tenzij een bijkomende bestuurdersverzekering wordt afgesloten. De bestuurdersverzekering vergoedt enkel de lichamelijke schade van de bestuurder-eigenaar, zoals de kosten voor ziekenhuisopname, invaliditeit, revalidatie, soms morele schade en overlijden. Sommige verzekeringsmaatschappijen stellen twee formules voor. Ofwel worden alle bestuurders gedekt die één welbepaald voertuig ooit besturen, ofwel wordt één persoon verzekerd ongeacht welk voertuig hij of zij bestuurt.
5. Kan ik ook mijn materiële schade vergoed krijgen?
Als bestuurder-eigenaar je materiële schade vergoed krijgen, is geen enkel probleem voor zover een omniumpolis wordt afgesloten. De meeste verzekeringsmaatschappijen bieden de keuze: ofwel een beperkte of kleine omnium, ofwel een volledige of full omnium.
Een beperkte omnium is heel wat goedkoper dan een volledige omniumverzekering en dekt de schade bij brand (vuur, explosie, kortsluiting, bliksem...), diefstal, glasschade, schade door natuurkrachten (vallende stenen, aardbeving, lawines, hagel, stormwinden, overstroming), schade aangebracht door loslopende dieren (overstekend wild, loslopende honden...). Sommige polissen dekken zelfs de schade veroorzaakt door neerstortende meteoorstenen, lucht- of ruimtevaartuigen of onderdelen ervan.
De volledige omnium dekt ook de 'eigen schade' en de schade die het gevolg is van vandalisme of kwaad opzet door derden. Die waarborg geldt bijvoorbeeld ook bij schade die veroorzaakt is tijdens het laden, vervoeren en lossen van het voertuig.
Een omniumverzekering dekt enkel de materiële schade.
6. Wat bij betwisting van de aansprakelijkheid?
Wanneer de twee betrokken partijen er bij een ongeval niet uitgeraken wie de schuldige is, dan is juridische bijstand welkom. Wie individueel een advocaat in de arm neemt, is vaak vertrokken voor een gepeperde rekening tenzij een verzekering rechtsbijstand wordt afgesloten. Die uitbreiding omvat juridisch advies en bijstand voor elk conflict dat voortvloeit uit het ongeval. De rechtsbijstand is echter niet onbeperkt. Sommige verzekeringsmaatschappijen beperken de bijstand tot 12.500 euro, andere gaan soms tot 40.000 euro maar vragen daarvoor uiteraard een hogere premie.
7. Hoe wordt de verzekeringspremie berekend?
Elke verzekeringsmaatschappij hanteert haar eigen criteria om het risico te bepalen. De voornaamste ingrediënten zijn de leeftijd van de bestuurder, de woonplaats, het verleden van de bestuurder (eventuele veroordelingen), merk, type en vermogen van de auto en bonus-malusgraad.
Zelfs het gedeelte burgerlijke aansprakelijkheid dat bij elke maatschappij wettelijk dezelfde dekking moet geven, kan al in prijs verschillen van maatschappij tot maatschappij. Wat de omniumverzekering betreft lopen de prijzen nog veel verder uiteen. Daar primeert de inschatting van het risico door de verzekeringsmaatschappij op basis van statistische gegevens. De verschillen kunnen enorm zijn voor ogenschijnlijk dezelfde dekking. Vergelijken is dus de boodschap.
8. Hoeveel betaalt mijn omniumverzekering bij total loss?
De meeste verzekeringsmaatschappijen houden rekening met een 'franchise'. Dat is het bedrag dat door de verzekerde zelf betaald moet worden. Doorgaans betreft dat 2,5 procent van de cataloguswaarde van het voertuig. Hier geldt het principe: hoe hoger de franchise, hoe lager de verzekeringspremie.
Het gedeelte dat door de verzekeringsmaatschappij wordt vergoed, staat in verhouding tot de leeftijd van het voertuig en bijgevolg de afschrijvingswaarde. De verzekeringsmaatschappijen onderscheiden twee formules. Bij de optie 'aangenomen waarde' betaalt de maatschappij in de eerste zes maanden het volledige bedrag van het voertuig terug zoals vermeld in de catalogus of volgens de factuurprijs. Nadien verliest het voertuig per maand 1 procent van zijn waarde. Wie al vanaf de eerste maanden de afschrijving van 1 procent laat werken, betaalt uiteraard een lagere premie.
Enkele maatschappijen voorzien zelfs een dekking van de opties in het voertuig die in een periode na de aankoop werden aangeschaft. Vaak zijn die opties gratis verzekerd ten belope van 5 procent van de cataloguswaarde van het voertuig.
9. Wat bij diefstal?
Niet alle verzekeringsmaatschappijen zijn bereid het risico op diefstal te dekken. Bepaalde maatschappijen weigeren voertuigen te verzekeren waarvan de catalogusprijs 50.000 euro overschrijdt. Soms worden hoge eisen gesteld inzake diefstalbeveiliging. Vaak volstaat een standaardalarm voor dergelijke dure wagens niet en eist de verzekeringsmaatschappij een bijkomende, gesofistikeerde antidiefstalinstallatie.
Minder dure wagens zijn tegen diefstal verzekerd via de mini- of beperkte omniumverzekering. Een diefstal impliceert dat er ook aangifte wordt gedaan bij de politiediensten én dat ook de verzekeringsmaatschappij ervan op de hoogte wordt gebracht. Sommige maatschappijen gaan over tot een vergoeding van het voertuig vijftien dagen na de aangifte van de diefstal op voorwaarde dat het voertuig niet werd teruggevonden. Andere instellingen betalen pas uit na dertig dagen. Veelal wordt tijdens die tussenperiode een vervangwagen aangeboden.
Home- en carjacking en het stelen van de sleutels, voor zover dat niet uit onachtzaamheid gebeurde, vallen ook onder die dekking. Wordt het oorspronkelijke voertuig later teruggevonden, dan heeft de verzekerde doorgaans de keuze: het voertuig recupereren en de vergoeding terugbetalen of de uitbetaalde som houden en het voertuig overlaten aan de verzekeringsmaatschappij.
De zwarte lijst van de verzekeraars dikte vorig jaar nog eens met 50.000 mensen aan. Dat zijn 50.000 Belgen die hun schadeverzekering niet betaalden, fraudeerden of heel zware ongevallen veroorzaakten.
Op de Datassur-lijst van de verzekeraars staan 145.000 Belgen, van wie bijna 90 procent wanbetalers zijn. Dat meldde Het Belang van Limburg gisteren.
'De cijfers zijn een extrapolatie van de eerste elf maanden van het jaar. De definitieve cijfers heb ik nog niet', meldt Daniël Frala, de directeur van Datassur.
Jaarlijks komen er zo'n 10 procent mensen bij op de zwarte lijst, maar er verdwijnen er ook. Vorig jaar werden 40.000 Belgen van de lijst geschrapt. Wettelijk mag je maximaal twee jaar op de lijst blijven staan, tenzij je opnieuw fraudeert of nog eens je polis niet betaalt.
De verzekeraars hebben de zwarte lijst in het leven geroepen om te vermijden dat een wanbetaler of een fraudeur gewoon van verzekeringsmaatschappij verandert wanneer zijn misbruik wordt ontdekt. De lijst, beheerd door Datassur, bestaat sinds 1996.
Datassur houdt ook nog een reeks andere gegevens bij, zoals de meldingen van gestolen wagens in het kader van de autoverzekering. De Belgische verzekeringsmaatschappijen geven elke diefstal door aan Datassur. Door die databank door te geven aan de federale politie konden vorig jaar 3.000 gestolen auto's worden opgespoord. Dat is ongeveer een derde van alle gestolen wagens in België.
De Commissie voor Verzekeringen heeft beslist om haar adviezen op de website van de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen (CBFA) te publiceren.
Dat gebeurt met het oog op de transparantie van bestuurshandelingen en om meer zichtbaarheid te geven aan de werkzaamheden.
Deze adviezen en inlichtingen over het statuut en de samenstelling van de Commissie voor Verzekeringen zijn vanaf nu te vinden op de website van de CBFA onder de rubriek 'adviesorganen waarvoor de CBFA het secretariaat waarneemt'.
De lezer zal voortaan zelf kennis kunnen nemen van de verschillende argumenten evenals van de besluiten van de Commissie over bepaalde precieze kwesties (opheffing van de onbeperkte dekking in de autoverzekering, herkwalificatie van bepaalde levensverzekeringsovereenkomsten, dekking van terroristische handelingen of van intentionele fouten begaan door minderjarige kinderen).
Snelheidsmaniakken kunnen zich tegenwoordig indekken tegen bekeuringen voor te hard rijden. Het Zweedse bedrijf Bisso (Buy Indemnity Speed Security Online) biedt sinds kort in Nederland "economische bescherming" voor snelheidsbekeuringen en parkeerbekeuringen.
Voor 30 euro per jaar kunnen automobilisten de verzekering afsluiten. Het bedrijf vergoedt vervolgens per jaar maximaal twee snelheidsboetes voor bij elkaar 350 euro en/of een onbekend aantal parkeerbekeuringen. Het eigen risico voor de automobilisten is 15 procent bij de snelheidsovertredingen en 50 procent bij parkeerboetes. Bisso noemt de dienst overigens geen verzekering. De snelheidsverzekering is in Scandinavië al enige tijd verkrijgbaar. Het bedrijf zegt automobilisten niet te willen aanzetten snelheidsregels te overtreden. Het is "bedoeld om diegene die toch de pech heeft en niet met opzet te hard rijdt economisch te ondersteunen", aldus Bisso. Het Nederlandse Verbond van Verzekeraars keurt de nieuwigheid af.
Brandverzekeringen vormen een ingewikkelde materie. Het mag dan ook niet verwonderen dat er heel wat misverstanden rond bestaan. Luc Devlamynck, verzekeringsmakelaar en voorzitter van de commissie brand van de Federatie voor Verzekerings- en Financiële tussenpersonen is de geknipte persoon om de grootste fouten rond brandverzekeringen te bespreken.
1."Het huis zal nooit volledig afbranden, dus verzeker ik het niet volledig
Het gebeurt vaak dat bij afwezigheid van de bewoners een brand fataal is: vooraleer je buiten de vlammen kan zien is de temperatuur in het huis zo hoog opgelopen dat alles verwoest wordt. Ook het vele bluswater veroorzaakt extra schade. Bovendien is de kans groot dat de verzekeraar de evenredigheid zal toepassen: wanneer slechts een deel van de waarde verzekerd wordt zal dit deel ook op de schade toegepast worden. Bv.: de herbouwwaarde van de woning is 200.000 euro maar je verzekert slechts 150.000 euro (75%). Bij een schade van 10.000 euro betaalt je verzekeraar dan ook 7.500 euro (75%) uit. De algemene regel in brandverzekering is dat je het volledige bedrag moet verzekeren. Verzekeraars hebben systemen om dit bedrag te berekenen en zij zijn verplicht dit systeem aan de klanten voor te stellen. Helaas is dit soms een kort zinnetje in de bijzondere voorwaarden. Let dus op je contract!
2."Tweedehands meubelen moeten niet verzekerd worden."
De inhoud van een woning kan bijna volledig in nieuwwaarde verzekerd worden. D.w.z. dat de vergoeding zal bestaan uit de prijs die voor een nieuw goed in de winkel moet betaald worden. Uitzondering is er voor goederen die snel aan slijtage onderhevig zijn (bv. kledij en linnengoed) en voor goederen die niet nieuw te koop zijn (bv. antiek). Bovendien verbiedt de wetgeving om de sleet in mindering te brengen wanneer deze kleiner is dan 30%. M.a.w.: een zetel met nieuwwaarde 1.000 euro en sleet 30% is nog steeds vergoedbaar voor 1.000 euro. Steeds meer verzekeraars hebben ook een zeer gunstige regeling wanneer de sleet groter is dan 30%. Als je salon voor 50% versleten is zullen deze verzekeraars nog voor 80% vergoeden. Let wel op je polisvoorwaarden: er zijn immers ook maatschappijen die de sleet volledig in mindering brengen als deze groter wordt dan 30%.
3."De waarde van de woning is gelijk aan de verkoopwaarde"
Het is fout de verkoopwaarde van je woning te willen gebruiken in de brandverzekering. Verzekeraars maken volledig abstractie van deze waarde. Als eigenaar verzeker je de herbouwwaarde van je woning en hierbij speelt de waarde van de grond geen enkele rol. Bij de verkoopwaarde des te meer. Bv. een woning met een groot stuk extra bouwgrond zal in verkoopwaarde wellicht hoger scoren dan in herbouwwaarde. Ook bij herbouwwaarde mag de verzekeraar de eerste 30% sleet niet in mindering brengen (zie nr. 2).
4. Een huurder verzekert enkel de inhoud
De huurder van een gebouw zal ook voor de verzekering van zijn aansprakelijkheid moeten uitkijken. Op het einde van de huur moet het gebouw immers teruggegeven worden aan de verhuurder. De aansprakelijkheid van de huurder kan oplopen tot de werkelijke waarde van het gebouw. Dit is de herbouwwaarde min de sleet. Een verzekeringsmakelaar of -agent zal je zeker kunnen helpen om deze waarden te berekenen.
5. Geen bouwvergunning, geen verzekering?
Hierover zijn al veel discussies gevoerd. De rechtbank stelt echter de verzekeraar iedere keer in het ongelijk wanneer deze beweert dat de brandpolis niet geldig is omdat er geen bouwvergunning was. Omdat de brandpolis niet kan beschouwd worden als het middel om een bouwovertreding in stand te houden, wordt telkens beslist dat de polis wel geldig is. Toch blijft het om tal van andere redenen onverstandig zonder bouwvergunning te bouwen.
6. "Als het afbrandt, moet ik herbouwen."
Dit is niet noodzakelijk. Je kan ook beslissen om een ander gebouw te kopen met de vergoeding voor het afgebrande gebouw. Als je niet herstelt of herbelegt (ander gebouw kopen) dan is er nog steeds in de landverzekeringswet een minimumvergoeding voorzien. Binnen de 30 dagen na overeenkomst over de schade moet een verzekeraar die in nieuwwaarde verzekert minstens 80% van de schade betalen. Er zijn zelfs maatschappijen die onmiddellijk 100% vergoeden. Afhankelijk van wat de klant met de centen doet zal de vergoeding verhoogd worden met de btw (herstelling of nieuwbouw) of verhoogd worden met de registratierechten (aankopen ander gebouw).
Wie 10.000 kilometer per jaar met zijn auto rijdt, betaalt nu een even hoge verzekeringspremie als wie er 150.000 aflegt. Dat is niet voordelig voor het milieu, noch voor de bankrekening van de niet zo fanatieke automobilist. Daarom laat Corona Direct als eerste Belgische verzekeraar de klant betalen op basis van zijn verbruik, net als bij gas of water.
Het initiatief van Corona Direct - een dochter van Dexia die alleen via telefoon en internet verkoopt - ligt in het verlengde van recente innovaties bij de concurrentie. Zo lanceerden Winterthur en dochterbedrijf Touring in oktober al een autopolis op maat van bestuurders die minder dan 10.000 kilometer per jaar afleggen. Een maand later lanceerde Axa met succes een gelijkaardig project. Maar in beide gevallen betaalde een chauffeur die pakweg 5.000 kilometer aflegde nog evenveel als een chauffeur die 9.990 kilometer aflegde.
Met het Autosalon in zicht - een moment waarop de prijzenslag in autopolissen telkens weer oplaait - gaat Corona Direct nu nog een stap verder. De verzekeraar lanceert een polis waarbij de automobilist in alle omstandigheden betaalt wat hij verbruikt. Dat moet de factuur voor mensen die de auto weinig gebruiken fors drukken.
Gedacht wordt aan senioren, mensen met een tweede wagen of pendelaars. Al zijn dat niet de enige doelgroepen. De verzekeraar mikt ook op mensen die zich zorgen maken over de stijgende brandstofprijzen en/of het milieu. Om laatstgenoemde groep aan te spreken, zwaait de verzekeraar zelfs met de eerste, officiële goedkeuring door de Bond Beter Leefmilieu.
Corona Direct inspireert zich voor zijn nieuwe autopolis op gelijkaardige ,,pay as you drive''- verzekeringen in het buitenland. Daar experimenteren Britse en Amerikaanse verzekeraars al jaren met futuristische systemen om ,,rekeningrijden'' in te voeren. Het bekendste experiment loopt bij het Britse Norwich Union, die bij 5.000 bestuurders een zwarte doos in de auto liet installeren. De zwarte doos, die niet groter is dan een videocassette, stuurt via gps-technologie gegevens door aan de verzekeraar, die vervolgens een premie kan berekenen op basis van het gebruik van het voertuig. Op die manier kan de premie aangepast worden aan de afgelegde afstand, het traject, het tijdstip en zelfs de gemiddelde snelheid van de auto.
Hoewel bovenstaande technologie interessante mogelijkheden biedt, zien Belgische verzekeraars de toepassing ervan voorlopig niet zitten. Axa lanceerde de zwarte doos nochtans al in Italië. ,,Maar we verkochten vorig jaar amper duizend polissen. Het systeem is niet alleen duur, er spelen ook allerlei privacykwesties'', legt woordvoerster Elly Bens uit.
Corona Direct probeert daarom het probleem van de kilometerregistratie te omzeilen. ,,De meting zal gebeuren op basis van vertrouwen. De klant zal op voorhand moeten aangeven hoeveel kilometers hij jaarlijks rijdt. Op basis daarvan wordt een voorlopige premie berekend. De mensen kennen dat systeem van hun water- of gasmaatschappij'', verduidelijkt Philippe Neyt, directielid van Corona Direct.
De afrekening gebeurt op basis van de kilometerstand die de klant doorgeeft op het einde van het jaar. Heeft de chauffeur minder gereden dan voorzien, dan wordt hij terugbetaald. In het andere geval moet hij bijstorten. Controles vinden enkel plaats bij een ongeval. Dan komt een verzekeringsexpert de kilometerstand opmeten.
Verzekeraar Corona Direct, een dochter van Dexia, pakt uit met een Belgische primeur: een autoverzekering per afgelegde kilometer. De klant betaalt dus op basis van zijn verbruik, net als bij gas of water. Met de nieuwe formule schakelt de prijzenslag in autopolissen, ingezet in de aanloop naar het Autosalon, opnieuw een versnelling hoger.
Corona Direct lanceert een autoverzekering waarbij de klant betaalt per gereden kilometer.
Minder met de auto rijden betekent dus een lagere verzekeringspremie betalen.
Corona Direct, een verkoopkanaal van de groep Dexia dat via de website of per telefoon polissen verkoopt, is de allereerste Belgische verzekeringsmaatschappij die de kilometerberekening hanteert.
De formule bestaat al in het buitenland. Onder meer in Nederland, het Verenigd Koninkrijk en de VS experimenteren maatschappijen met zogenoemde ?pay as you drive?-verzekeringen.
Het initiatief van Corona Direct ligt in het verlengde van recente innovaties bij de concurrentie.
Winterthur en dochterbedrijf Touring lanceerden in oktober een autopolis op maat van bestuurders die minder dan 10.000 kilometer per jaar afleggen. Dat was de eerste Belgische verzekering waarvan de premies in zekere mate afhangen van het aantal afgelegde kilometers. Een maand later volgde marktleider Axa met een gelijkaardig product, dat prominent in het straatbeeld werd gezet via de Eddy Merckxreclamecampagne. Mede daardoor kon Axa maar liefst 2.100 contracten afsluiten in een maand tijd. Twee derden van die klanten zijn senioren.
Nu gaat Corona Direct nog een stap verder. ?Touring en Axa werken met drempels, Corona Direct niet?, verduidelijkt Stéphane Cuypers, woordvoerder van Dexia Insurance. ?Wie pakweg 5.000 kilometer rijdt, betaalt bij Touring en Axa hetzelfde tarief als wie 9.900 kilometer rijdt. Bij Corona Direct gaat het echt om een verzekering per kilometer. U betaalt wat u verbruikt. Het is hetzelfde eenvoudige principe als bij de gasmeter.? Axa heeft geen onmiddellijke plannen om het initiatief te volgen.
Een heikel punt bij ?pay as you drive?-verzekeringen is de meting van het aantal afgelegde kilometers.
In het buitenland experimenteren verzekeraars met een ?zwarte doos? die ingebouwd is in de auto en de afgelegde kilometers bijhoudt. Maar Belgische maatschappijen zien zulke systemen niet zitten, omdat ze te duur zijn en bovendien allerhande privacykwesties met zich brengen.
Ook Corona Direct ziet af van een zwarte doos. Cuypers: ?De meting van de gereden kilometers zal gebeuren op basis van vertrouwen. Dat wil zeggen dat de klant zelf zal moeten aangeven hoeveel kilometers hij jaarlijks rijdt, hij moet een certificaat invullen. Dat is trouwens niet zo ongewoon. De mensen kennen dat systeem van de invulkaarten voor gas of water.? Controles vinden plaats bij een ongeval. ?Bij een schadegeval komt een expert de kilometerstand opmeten?, zegt Cuypers. Touring hanteert een gelijkaardig meet- en controlesysteem voor de meting van het aantal afgelegde kilometers.
De verzekeringsformules van Winterthur/Touring, Axa en Corona Direct zijn goed nieuws voor wie weinig kilometers aflegt.
Volgens Cuypers spelen ze in op een mentaliteitswijziging. ?Almaar meer mensen denken eraan hun autogebruik te beperken?, zegt hij. ?Die mentaliteitswijziging heeft twee redenen: de stijgende brandstofprijzen en de toegenomen bekommernis om het milieu.? Corona Direct verkoopt daarom de nieuwe polis als ?de eerste verzekeringsformule die naadloos aansluit bij een beleid van duurzame mobiliteit? en zwaait met een goedkeuring door de Bond Beter Leefmilieu.
Een andere verklaring voor de recente innovaties ligt bij de verzadiging van de autoverzekeringsmarkt.
De koek groeit niet meer en dus is het bikkelen om een groter deel ervan te krijgen.
Om zich van de concurrentie te onderscheiden moeten verzekeringsmaatschappijen daarom meer dan vroeger uitpakken met nieuwe en creatieve producten.
KBC verlaagt naar aanleiding van het autosalon de rentetarieven voor een autofinanciering. Midden december verlaagde KBC al eens zijn tarieven.
De verlaagde tarieven gelden voor de aankoop van nieuwe wagens en tweedehandswagens die nog geen twee jaar oud zijn en dit voor de duur van het autosalon.
De verzekeraars vrezen voor een uitstroom van belegggingen in levensverzekeringen nu er sinds 1 januari een heffing van 1,1 procent op de premies bestaat. Om die uitstroom tegen te gaan, geven de verzekeraars kortingen op levensverzekeringen.
Dat meldt de krant De Tijd. Axa verlaagde zijn instapkosten voor zijn Crest-levensverzekering van 5,5 naar 3,5 procent. AGF Belgium neemt een maand lang de 1,1-procentbelasting voor zijn rekening op een zijn levensverzekering Invest for Life.
Dexia vermindert de instapkosten van al zijn levensverzekeringen met 0,50 procent tot 0,70 procent.
Ook andere verzekeraars denken aan kortingen.
Het Autosalon, van 12 tot 22 januari, komt eraan, en dus gaan alle banken zwaaien met fikse kortingen op autoleningen. Na Fortis en KBC hebben nu ook Dexia en ING hun saloncondities gelanceerd.
Dexia verlaagt zijn rentetarieven met gemiddeld 0,8 procentpunten. De nieuwe voorwaarden gelden tot het einde van het Autosalon. ING België verlaagt zijn tarieven tot 31 maart voor de aankoop van nieuwe wagens en jonge tweedehandswagens, met een maximale verlaging van 2 procentpunten. Fortis gooide vorige maand de knuppel in het hoenderhok met kortingen voor nieuwe en jonge tweedehandswagens en een voordelig tarief voor energiezuinige wagens. Die acties zijn geldig tot 30 april. KBC herzag midden december zijn tarieven van de autoleningen naar beneden, maar doet er tot het einde van het salon nog eens een slag af.
Mogelijk springen ook de grote verzekeraars op de kar met een verlaging van de autopolissen. Dexia zet alvast de trend in met een prijsverlaging vanaf 13 januari.
Bankverzekeraar ING België heeft donderdag zijn Saloncondities voor autoleningen gelanceerd, met een maximale verlaging van twee procent op de tarieven. De bank volgt daarmee onder meer Fortis en KBC, die eerder al acties opstartten. Ook Dexia binnenkort goedkopere formules lanceren.
ING België verlaagt haar tarieven naar aanleiding van het Autosalon, dat op 12 januari de deuren opent. De actie is geldig tot 31 maart en voor de aankoop van nieuwe wagens en tweedehandswagens die nog geen twee jaar oud zijn en dienen voor privégebruik.
Fortis lanceerde in december de traditionele acties, met een verlaging met tien procent van haar autofinancieringen voor nieuwe en jonge tweedehandswagens. De bank kende ook eenzelfde korting toe voor energiezuinige nieuwe wagens. De actie is geldig tot 30 april. KBC herzag eveneens in december de tarieven van de autoleningen naar beneden.
Eind vorig jaar beheerden de pensioenspaarfondsen samen meer dan 10 miljard euro. Eind 2004 was dat 8,7 miljard euro. Het grootste deel van de stijging is het gevolg van de goede prestaties van de beurs. Maar spaarders maakten bovendien massaal gebruik van de mogelijkheid 780 euro fiscaal voordelig te sparen voor 2005 in plaats van 620 euro. Verschillende banken melden een sterke stijging van het aantal nieuwe contracten, schrijft De Tijd.
De pensioenspaarfondsen van Dexia, Fortis, ING en Argenta beheerden eind 2005 samen 8,8 miljard euro. Dat was gemiddeld 17,2 procent meer dan de 7,5 miljard euro van een jaar eerder. Daaruit kan worden afgeleid dat het beheerde vermogen van de pensioenspaarfondsen vorig jaar boven 10 miljard euro uitsteeg.
De koersstijging van de beurzen verklaart een groot deel van de toename, maar daarnaast ontvingen de fondsen ook heel wat vers geld. De twee pensioenspaarfondsen van marktleider Fortis zagen hun beheerde vermogen met 17 procent toenemen, van 2,77 naar 3,25 miljard euro. Pensioenspaarders stortten 147,2 miljoen euro, 29 procent meer dan de 114,1 miljoen euro over 2004. Ook ING en KBC meldden een sterke toename van de nieuwe inlagen.
Obligatiefondsen en gemengde fondsen met ten minste 40 procent obligaties in hun portefeuille worden vanaf 1 januari belast. Op de premies van levensverzekeringscontracten wordt 1,1 procent geheven.
Houders van kapitalisatiefondsen met minstens 40 procent obligaties moeten voortaan 15 procent roerende voorheffing betalen op de renteopbrengst. Het gaat om de opbrengst gerealiseerd sinds 1 juli 2005. De belasting wordt geheven op het ogenblik van de verkoop van het fonds. Ze geldt enkel voor de fondsen met een Europees paspoort.
De federale regering heeft de mogelijkheid open gelaten om de heffing uit te breiden naar andere fondsen, wanneer bij de begrotingscontrole in de lente van 2006 zou blijken dat de maatregel onvoldoende opbrengt. De regering verwacht een opbrengst van 235 miljoen euro.
Vanaf 1 januari 2008 heeft de heffing niet alleen betrekking op de renteopbrengst, maar ook op de meerwaarde die is ontstaan door de stijging van de koers van de onderliggende obligaties, tenzij de regering die dan aan de macht is daar nog van terugkomt.
Naast de belasting op de renteopbrengst betalen beleggers vanaf 1 januari een hogere beurstaks bij de verkoop van hun kapitalisatiefondsen. Op 1 januari wordt de beurstaks verhoogd van 0,5 tot 1,1 procent. Wie in januari en februari zijn kapitalisatiefonds verkoopt en overstapt naar een distributiefonds (dat, in tegenstelling tot een kapitalisatiefonds, jaarlijks de opbrengst uitkeert), geniet een fiscaal gunstregime. Hij betaalt weliswaar de hogere beurstaks van 1,1 procent bij de verkoop, maar kan die taks later recupereren bij de fiscus.
Vanaf 1 januari worden zo goed als alle levensverzekeringen belast, zowel Belgische als buitenlandse. De taks van 1,1 procent wordt geheven op de betaalde premie. Ze geldt voor nieuw levensverzekeringscontracten en stortingen voor lopende contracten.
Om de belasting te omzeilen, kunnen beleggers overstappen naar een levensverzekering of een beleggingsfonds dat voldoet aan de voorwaarden van pensioensparen. Dan moet het gestorte kapitaal wel blijven staan tot aan de pensioenleeftijd en ten minste nog tien jaar lang.
De belasting van 1,1 procent die particulieren vanaf 1 januari betalen op hun individuele levensverzekeringen treft een zeer breed gamma van levensverzekeringen. Ook de levensverzekeringen afgesloten in het kader van woonkredieten vallen onder de belasting. 'Daarmee holt de overheid het grotere fiscale voordeel uit dat ze begin 2005 toekende voor nieuwe hypothecaire leningen', zeggen Philippe Odent en Patrick Vercammen van het adviesbureau Keymove in De Tijd.
Om de begroting in evenwicht te houden, voert de federale overheid onder meer een belasting van 1,1 procent in op de premies van levensverzekeringen. 'Het is belangrijk dat de verzekeringsnemers goed geïnformeerd worden over de taks. Hij treft een veel groter aantal levensverzekeringen dan algemeen wordt gedacht', meldt Philippe Odent, partner van Keymove. Keymove, dat begin 2004 werd opgericht, geeft juridisch en fiscaal advies aan verzekeringsmaatschappijen en bedrijfspensioenfondsen.
'In het begin beweerde de regering dat de verzekeraars en niet de consument de belasting zouden betalen. Nu betaalt de consument toch de belasting. Hij betaalt vanaf 1 januari 2006 1,1 procent op de premies en kapitaalstortingen voor individuele levensverzekeringen. Omdat de belasting de premie onmiddellijk afroomt, zal de verzekeringsnemer meer moeten storten als hij zijn verzekerde kapitalen op hetzelfde niveau wil handhaven als de voorgaande jaren', meldt Patrick Vercammen, eveneens partner bij Keymove. Odent en Vercammen stellen bovendien vast dat de belasting van 1,1 procent een groot aantal levensverzekeringen treft.